Aflevering 11 – Hoesballade
Door Jaap Bakker

De ballade, en dan in het bijzonder de rederijkersballade, was een versvorm die geregeld door Drs. P beoefend werd. Het is een veeleisend stramien van 28 versregels met slechts drie rijmklanken, volgens het schema ababbcbC (3x) + bcbC (C staat voor de steeds identieke refreinregel). De rijmklank a komt dus 6 keer voor, b 14 keer, en op refreinregel C wordt 4 keer gerijmd. Dat is al een hele opgave, maar daarbij komt nog de aanvullende eis dat er geen rijk rijm mag voorkomen. Dus bijvoorbeeld het woord ‘kat’ mag je niet laten rijmen op ‘Masqat’, ‘omgekat’ of ‘magnificat’.
Ziehier het gedicht:
Er is voor u een groot festijn op til
U hoort aanstonds een band uw oren strelen
Waarover ik eens met u praten wil
Ze zullen u in geen geval vervelen
Wat heet – u gaat, ik zal het niet verhelen
Rechtopstaan van hun muzikaal éclat
En huppelen (of zegt men ook ‘huppelen’?)
The Scat Cats zijn het wonder van Breda
Sinds ’72 – dus niet meer pril –
Verwekken ze uitbundige taf’relen
Zo wordt er over hen bij Unifil
Nog nagepraat door mensen en kamelen
Men kent hen al in verre werelddelen
Twee keer bezochten zij Amerika
En dat werd prijzen winnen, harten stelen…
The Scat Cats zijn het wonder van Breda
U merkt het: de ontvangst is geenszins kil
Op straat, maar ook in scholen en burelen
Cafés of waar ook, dat maakt geen verschil
De zorgelozen en de ideëlen
Het werkvolk en de intellectuelen
De ambtenaren en de K.M.A. –
Men hoort dezelfde roep uit aller kelen:
‘The Scat Cats zijn het wonder van Breda!’
L.S.! Muziek kan leven of vergelen
En Dixieland, zo waar als ik hier sta
Zal nooit vergaan, als zulke mensen spelen
The Scat Cats zijn het wonder van Breda
We mogen stellen dat Drs. P zich bekwaam van zijn vriendschappelijke taak heeft gekweten. Daarbij heeft hij wel de grenzen van het technisch toelaatbare opgezocht. Voor de refreinregel moest hij één keer uitwijken naar éclat, een Frans woord met een doffere en kortere eindklinker (eigenlijk een onzuiver rijm maar vooruit, -a is een notoir moeilijke rijmklank en de beste breister laat weleens een steekje vallen).
De rijmklank -elen is heel creatief behandeld. In het woord ‘taf’relen’ is elisie toegepast (ta-frelen) zodat de ‘burelen’, een couplet verderop, konden worden benut. ‘Ide-elen’ en ‘intellectu-elen’ lijken dezelfde uitgang te hebben, maar klinken in werkelijkheid als ‘ide-jelen’ en ‘intellectu-welen’ zodat het verbod op rijk rijm wordt gerespecteerd. En een aardig grapje, tot slot, is het nonsenswoord ‘huppélen’. Zulk soort opzettelijke fouten (in dit geval: oogrijm) maakte Drs. P wel vaker. Elders rijmde hij ‘verzamelen’op ‘kamelen’ en ‘trui’ op ‘sigarenetui’. Die incidentele capriolen bewijzen dat Drs. P weliswaar vormvast was, maar flexibel genoeg om af en toe door de technische kaders heen te breken.